Lock Digitale leeromgeving winkelwagen
Blogs mbo ThiemeMeulenhoff

Blogs Voor het mbo

Met 6 tips naar meer betrokkenheid in de klas

Er is niet één aanpak die altijd werkt, zegt Nadine Storken, LB-docente Nederlands, mentor en kartrekker Examinering voor de opleiding Logistiek aan het Vista College. ‘Bij de ene student of docent heeft de ene oplossing effect, bij andere de andere.’ Maar als je haar vraagt hoe zij studenten betrokken en met plezier laat leren, dan geeft ze je deze zes tips.
Nadine Storken

1. Wijs hen op overgangseisen

‘Studenten willen graag hun opleiding afronden. En dus overgaan van het ene naar het andere schooljaar. Hiervoor hebben ze een bepaald aantal punten nodig en moeten ze specifieke opdrachten doen – thuis of in de klas. Dat weten ze natuurlijk, maar het is slim om ze daar af en toe aan te herinneren. Dit kan ervoor zorgen dat ze een opdracht waar ze nu even geen zin in hebben tóch gaan doen.’

2. Laat hen oefenen voor later

‘Het helpt als studenten zelf de relevantie zien van theorie en opdrachten. En dat zien ze vooral als die lesstof toegespitst is op hun latere beroepspraktijk. Binnen het vak Nederlands oefenen ze bijvoorbeeld het soort gesprekken dat zij later zullen voeren in hun werkende leven. Denk aan een slechtnieuws- of klachtengesprek. Of een sollicitatiegesprek. Die relevantie houdt hen alert.’

3. Zoek aansprekende vormen

‘Inspelen op de belevingswereld van je studenten is dus essentieel. Ook qua vorm van opdrachten. Veel studenten kijken bijvoorbeeld graag vlogs. Dus laat ik ze zelf een vlog maken voor een fictief stagebedrijf. Hierin vertellen ze wie ze zijn en waarom ze daar stage willen lopen. Studenten vinden dit een leuke, uitdagende opdracht. En hun echte stagegesprekken worden er makkelijker door: ze weten beter wat ze daarin moeten zeggen.’

4. Zorg voor genoeg afwisseling

‘Bij te veel herhaling keldert de motivatie. Zo hebben mijn studenten op een gegeven moment door dat opdracht 3 bij elke taak hetzelfde is: de betekenis van een woord opzoeken en vervolgens een voorbeeldzin maken. Om te voorkomen dat ze afhaken of er met de pet naar gooien, laat ik ze deze opdracht op verschillende manieren doen. De ene keer zelf, de andere keer klassikaal, soms in een quizvorm. Die afwisseling werkt!’

5. Behandel ze als volwassenen

‘Als je studenten behandelt als kleine kinderen, kom je niet ver met ze. Je stimuleert ze bijvoorbeeld niet blijvend als je steeds met straf dreigt als ze hun opdrachten niet maken. En al helemaal niet als je die straf vervolgens niet geeft. Beter spreek je ze aan op hun eigen verantwoordelijkheid en maak je duidelijk dat huiswerk doen – je zaken op orde hebben – daarbij hoort. Dat het, met andere woorden, hoort bij volwassen-zijn.’

6. Laat ze breder kijken

‘Doen wat er van je gevraagd wordt is één ding. Maar ik spoor mijn studenten tot méér aan. Ik wil dat ze zich op school en stage ook afvragen: wat vind ik hier interessant aan, waar ben ik goed in, wat wil ik en wat moet ik doen om dat te bereiken? Naarmate studenten meer zó denken, vinden ze hun schooltijd minder saai. Ze ervaren hun studie dan meer als instrument voor hun eigen ontwikkeling. En dat motiveert pas echt.’