Hulp bij inloggen     winkelwagen
DoorEngels | ThiemeMeulenhoff

DoorEngels De methode Engels voor het mbo

DoorNederlands en DoorEngels

Zo kantelen onze methodes het taalonderwijs

Als taaldocent heb je vast en zeker veel liefde voor je vak. Dus het zal je misschien wat pijn doen dit te horen. Maar uit onderzoek blijkt dat de meeste studenten op mbo-scholen weinig motivatie kunnen opbrengen voor taallessen.

Niet zoals die lessen van oudsher gegeven worden, tenminste: veel uitleg van droge grammaticaregels, oefeningen die niet tot de verbeelding spreken en oneindige rijtjes woorden die ze in hun hoofd moeten stampen. Voor studenten voelt dit soort taalonderwijs als saai. Als een zinloze verplichting. Als iets wat maar weinig te maken heeft met hun toekomstige beroep. Terwijl niets minder waar is!

Toepassing in de praktijk

De kunst is om mbo-studenten te laten ervaren dat taalbeheersing wel degelijk relevant is voor hun latere werk. Of het nu om de Nederlandse of Engelse taal gaat. Die ervaring verhoogt hun motivatie om te leren, vergroot hun aandacht en verbetert hun resultaten. Ook voor docenten wordt het dan leuker. De meesten van hen halen hún motivatie immers uit de participatie, het enthousiasme en de taalontwikkeling van studenten.

Gelukkig besluiten steeds meer docenten over te stappen op ‘beroepsgericht taalonderwijs’. Niet dat ze geen rekening meer houden met de exameneisen – dat doen ze nog steeds, of het nu voor lezen, spreken, schrijven of luisteren is. Maar ze proberen studenten tegelijkertijd veel meer in aanraking te brengen met beroepssituaties waarin taalkennis en -vaardigheden handig of zelfs noodzakelijk zijn. Ze richten zich meer op de toepassing van taal.

Kanteling van onderwijs

Bij beroepsgericht taalonderwijs hoort een beroepsgerichte taalmethode. Lesmateriaal, kortom, dat het praktische nut van taalbeheersing voor de werkvloer toont – bijvoorbeeld in gesprekken met cliënten of collega’s. Dat soort materiaal is er wel, maar nauwelijks voor het mbo. DoorEngels en DoorNederlands zijn een uitzondering. En steeds meer scholen ontdekken deze taalmethodes, waarvoor ikzelf contentontwerper ben.

Met de Door-methodes kantelen we het taalonderwijs in Nederland. In plaats van uit te gaan van de theorie, nemen we het dagelijks leven als uitgangspunt. In het bijzonder het leven op de werkvloer van mbo-opgeleide professionals. Wat komen zij daar vaak tegen? In welk soort situaties komen ze terecht? Wat moeten ze dan doen? En hoe kunnen ze taal zo goed mogelijk inzetten óm dat te doen?

Verschil met vroeger

Traditionele methodes hebben vaardigheden en bijbehorende theorie als uitgangspunt. Studenten gaan bijvoorbeeld aan de slag met de vaardigheid ‘lezen’. Ze verkennen dan leesteksten, om die vervolgens te analyseren: wat zijn het onderwerp en de hoofdgedachte? En wat het doel en de doelgroep? Of ze oefenen de vaardigheid ‘kijken en luisteren’, waarbij ze verschillende tekstsoorten leren onderscheiden, zoals een betoog, een uiteenzetting of een beschouwing. Maar waaróm ze deze vaardigheden moeten opdoen – wat ze er in de praktijk aan hebben – wordt niet duidelijk.

Bij ons is de praktijk dus het uitgangspunt. Wij geven wél direct aan waarom het handig is bepaalde taalvaardigheden te hebben. Op allerlei manieren maken de Door-methodes duidelijk hoe je die skills – en de bijbehorende, ondersteunende kennis – nodig kunt hebben in werksituaties. Onze Door-methodes, waarin veel thema’s uit het kwalificatiedossier terugkomen, zijn dan ook opgedeeld in modules met beroepsgerichte thema’s, zoals ‘omgaan met de doelgroep’, ‘omgaan met collega’s’ en ‘instructies en procedures’.

Prettig voor docenten

Het gaat bij de context die wij centraal stellen over de werkvloer in algemene zin. Want helaas kunnen we niet voor elke beroepsopleiding een aparte taalmethode maken; dan zouden we er vele tientallen moeten ontwikkelen. Wat we wel doen: docenten aansporen om onze praktijkopdrachten – zoals het schrijven van een sollicitatiebrief – zelf specifieker te maken voor hun opleiding. Daar geven we ze ook een stramien voor.

‘Zou je het vervelend vinden als je zelf materiaal moest toevoegen aan praktijkopdrachten, puur om deze nóg beter te laten passen bij je opleiding?’ Dat hebben we docenten gevraagd voordat we onze Door-methodes ontwikkelden. En dat bleek absoluut niet het geval. Sterker nog, veel docenten vinden het maar saai als alles voorgekauwd is. Ze vinden het fijn dat ze dankzij ons stramien makkelijk hun eigen draai aan de praktijkopdrachten kunnen geven. En dat ze deze, als ze daar toevallig eens geen tijd voor hebben, ook zónder aanvulling kunnen gebruiken.
 
Eveneens fijn volgens docenten: onze focus op vocabulaire. Ook in beroepsvakmethodes hebben we daar aandacht voor, want het helpt studenten enorm als ze de betekenis kennen van concrete beroepstermen en -jargon. In onze taalmethodes gaat het om algemenere termen; degene die in vrijwel élk beroep belangrijk zijn. Denk aan de betekenis van – en het verschil tussen – ‘procedure’ en ‘protocol’. Veel studenten kunnen hun algemene beroepswoordenschat nog flink uitbreiden. En ook aan die groei dragen we graag bij.

Motivatie van studenten

De ‘Door’-methodes zijn volledig online beschikbaar (in onze digitale leeromgeving), maar ook  als leerwerkboek. Eén van de grote voordelen van online gebruik is dat taalonderwijs daarmee makkelijker te personaliseren en differentiëren is. Als docent kun je studenten op hun eigen taalniveau en tempo aan het werk zetten, hun voortgang realtime bijhouden en ze laten schuiven tussen niveaus. Ook kunnen ze zelfstandiger door de lesstof heen. Ze krijgen in onze online omgeving eDition bijvoorbeeld direct feedback op oefeningen die ze maken.

De Door-methodes blijken te werken. Docenten koppelen geregeld aan ons terug dat hun studenten enthousiaster meedoen en meer betrokkenheid tonen. De kanteling naar lesmateriaal dat relevante context biedt voor theorie, oefeningen en opdrachten – dat dus gerelateerd is aan de belevingswereld en latere beroepspraktijk van studenten – blijkt ook de houding van die studenten te kantelen. Naarmate ze langer met een Door-methode werken, zien ze beter en beter hoe belangrijk taalbeheersing is voor de praktijk. Niet alleen voor de kwaliteit van hun werk, maar ook voor hun kansen op de arbeidsmarkt. Dat inzicht leidt direct tot extra motivatie.

Bart Kerkenaar - Contentontwerper bij ThiemeMeulenhoff

 

Bart Kerkenaar ging in 2010 bij ThiemeMeulenhoff aan de slag. Hij begon als contentontwikkelaar. Sinds 2013 is hij contentontwerper. In deze rol is hij mede verantwoordelijk voor de inhoud en opbouw van de taalmethodes DoorNederlands en DoorEngels.