Hulp bij inloggen     winkelwagen
DoorEngels | ThiemeMeulenhoff

DoorEngels De methode Engels voor het mbo

Docente Farahnaaz Oemar over DoorEngels

"We kunnen nu veel makkelijker differentiëren"

“Deze methode past het best bij hoe ik les wil geven.” Dat zegt docente Farahnaaz Oemar over ‘DoorEngels’, de taalmethode van ThiemeMeulenhoff. Zij behoorde tot de vakgroep op ROC Midden Nederland die voor dit lesmateriaal koos. Inmiddels werkt ze er bijna twee jaar mee. “En ik heb nog geen moment spijt gehad. Alleen al vanwege alle online mogelijkheden!”

Ze had altijd met veel plezier op middelbare scholen gewerkt. Dus dat hoopte ze weer te doen toen ze na een lange reis terugkwam in Nederland. Maar het schooljaar was al begonnen en er waren geen vacatures in het voortgezet onderwijs. “Wél bij de opleiding Verpleegkunde op ROC Midden Nederland. Dus reageerde ik daarop, al had ik nog nooit iets in het mbo gedaan en had ik geruchten gehoord dat mbo-studenten maar lastig zouden zijn.” Ze werd aangenomen. En tot haar verrassing bleek ze zich op deze mbo-school nog meer op haar plek te voelen dan in het voortgezet onderwijs.

Beroepslink leggen

“Mijn mbo-studenten zijn ouder dan de middelbare scholieren die ik lesgaf”, legt Farahnaaz haar enthousiasme over het mbo uit. “Daardoor ben ik minder tijd kwijt aan opvoeden en kan ik me meer richten op taalonderwijs. Heel fijn vind ik dat. Zoals ik het ook prettig vind dat studenten op dit roc een erg zelfstandige, verantwoordelijke studiehouding hebben. Als docent werk je echt met hen samen aan hun leerproces, in plaats van dat je ze alleen iets oplegt. Natuurlijk zijn er basiseisen, maar ik bespreek wel met studenten welke onderwerpen zij interessant vinden, waar ze tegenaan lopen en welke kennis en skills ze nodig hebben. Daar hou ik rekening mee.”

En er is nóg een belangrijk pluspunt aan het mbo, zegt ze. “De meeste studenten hebben bewust gekozen voor het beroep waarvoor ze opgeleid worden. Hierdoor zitten ze veel gemotiveerder bij je in de les.” Ook bij niet-beroepsgerichte vakken als Engels? “Jazeker, zolang je maar duidelijk maakt waarom Engelse taalskills nuttig zijn voor hun stage of latere werk. In het geval van toekomstige Assistenten Gezondheidszorg bijvoorbeeld omdat ze dan makkelijker kunnen praten met buitenlandse patiënten. Het helpt bovendien als je in je lessen steeds een link legt met hun beroepspraktijk. En als je een methode gebruikt die datzelfde doet.”

‘DoorEngels’ ís zo’n methode, aldus Farahnaaz. “Niet dat het verwijst naar een specifiek beroep. Maar het bereidt studenten wel voor op herkenbare werksituaties, zoals ‘een collega de weg wijzen’ of ‘een presentatie geven’.” Ooit had de opleiding Verpleegkunde alleen lesmateriaal Engels dat zich puur op dit beroep richtte. Dat veranderde toen de opleidingen binnen het Gezondheidszorg College van ROC Midden Nederland nauwer begonnen samen te werken – van AG tot Maatschappelijke Zorg en Laboratoriumonderwijs. “Uitwisseling van docenten en studenten is makkelijker als we zoveel mogelijk dezelfde methodes hanteren.”

Niveau selecteren

“In mijn lessen praten we Engels”, zegt Farahnaaz. “Daardoor leren studenten de taal het best. Alleen als ik iets lastigs uitleg en hen verward zie kijken, schakel ik kort over naar het Nederlands. Dat hebben ze soms echt even nodig. Als ze te lang gefrustreerd zijn omdat ze iets niet snappen, haken ze af.” Dat inzicht verwacht ze ook terug te zien in een lesmethode. “Het is niet effectief als lesmateriaal Engels volledig in het Engels geschreven is. ‘DoorEngels’ heeft wat dat betreft de juiste balans. De meeste tekst is in het Engels, maar de uitleg van grammatica is in het Nederlands. En studenten krijgen bij woordenlijsten de Nederlandse vertaling te zien.”

Op die manier komen ze volgens Farahnaaz het snelst op het Europese taalniveau Engels waar ze naar streven. “Dat moet aan het eind van het jaar minimaal B1 zijn voor lezen en luisteren, en minimaal A2 voor schrijven, gesprekken voeren en spreken of presenteren. Maar als ze kunnen, stimuleer ik ze altijd om een hoger niveau te bereiken.” ‘DoorEngels’ biedt hier volop theorie en oefeningen voor, zegt ze. “De taken zijn beschikbaar op verschillende niveaus. Die kun je als docent eenvoudig selecteren voor individuele studenten. Differentiëren is dus heel makkelijk met deze methode.”

Dat laatste past bij de onderwijsvisie van het ROC Midden Nederland; een visie die Farahnaaz onderschrijft. “We maken hier per student een plan op maat – samen met die student. We willen studenten passend onderwijzen en passend ondersteunen, zoveel mogelijk toegespitst op hun persoonlijke wensen en vermogens. Dus kijken we wat ze precies van ons nodig hebben om optimaal te presteren. Zowel in hun opleiding als op de arbeidsmarkt. Hoe beter we ons onderwijs afstemmen op het individuele leerproces van onze studenten, hoe succesvoller zij op die gebieden zijn en hoe succesvoller wij zijn als onderwijsinstelling.”

Studenten motiveren

“Het digitale aspect van onderwijs wordt steeds sterker”, zegt Farahnaaz. “Dat geldt voor veel vakken, maar zeker ook voor Engels. Daarom kozen we als vakgroep voor de methode van ThiemeMeulenhoff; daarmee konden we in onze ogen het best digitaal lesgeven.” Toen kort na die keus corona uitbrak, bleek dit een verstandige zet. “We merkten meteen dat ‘DoorEngels’ goed online in te zetten is. Zo kunnen studenten heel makkelijk oefeningen maken in de online omgeving. En krijgen ze direct feedback van het systeem, mét de relevante theorie erbij. Daardoor kunnen ze sneller dóór; ze hoeven niet meer te wachten tot de docent iets heeft nagekeken.”
 
Fahranaaz heeft nu ook veel sneller inzicht in hoe studenten presteren. “Ik zie in het systeem bijvoorbeeld welke opdrachten zij als individu én als groep moeilijker vonden. Op basis daarvan kan ik bepalen om onderwerpen uit te lichten en klassikaal te behandelen.” Dat ze ook in één oogopslag kan zien wie minder goed zijn best heeft gedaan, noemt ze een aanvullend voordeel. “Studenten weten dat en zetten daarom een tandje bij. Het motiveert hen.”

Dit geldt nog eens extra als ze het systeem zó instelt dat studenten ook van elkaar kunnen zien hoe ze opdrachten gemaakt hebben. “Dan komt er bij sommigen een competitiedrang naar boven. Maar wat ik nog leuker vind: ze zien dan direct wie misschien hulp nodig heeft en bieden deze hulp aan. ‘DoorEngels’ bevordert dus ook de samenwerking tussen studenten.”

Methode verbeteren

Ziet ze ook verbeterpunten voor ‘DoorEngels’? “Vooral kleine. Het is bijvoorbeeld wel eens gebeurd dat een theorietekst bij een oefening niet opende als ik erop klikte. Of dat ik een woord tegenkwam dat me niet logisch leek. Ook zegt de feedbackfunctie weleens dat iets fout is, terwijl ik zelf zeker weet dat het goed is. Bovendien vraag ik me af hoe studenten thuis een uitspraakoefening kunnen doen als ze er geen audio bij krijgen. Moeten ze die uitspraak dan via Google zien te vinden? Dat is nu nog wat onduidelijk. Maar dat soort dingen kan ik wel direct doorgeven aan ThiemeMeulenhoff. En ik zie dat ze daar dan echt mee aan de slag gaan. Ze zorgen dat het gefikst wordt.”

Het enige wat ze echt mist in de methode? “Toetsen. Niet zozeer oefentoetsen voor centrale en instellingsexamens, ook al staan die evenmin in DoorEngels. Die oefentoetsen hebben we zelf, dus wat dat betreft hebben we genoeg aan de fijne uitleg die de methode geeft over hoe dit soort examens eruitzien; wat studenten ervan kunnen verwachten.” Wat ze mist, zegt ze, zijn hoofdstuktoetsen. “Ik vind het jammer dat mijn studenten niet per hoofdstuk een online toets kunnen doen.” Fahranaaz heeft echter goede hoop dat dit gaat veranderen. “Ik heb mijn gemis aangekaart. En ThiemeMeulenhoff zei dat ze ernaar ging kijken. Dat ze de methode continu probeert te verbeteren. En dat feedback van docenten daarvoor cruciaal is.

 

Farahnaaz Oemar is docente Engels bij ROC Midden Nederland en ROC TOP. Bij ROC Midden Nederland zat ze in de vakgroep die nieuw lesmateriaal moest uitkiezen. Inmiddels werkt ze bijna twee jaar met DoorEngels.