Lock Digitale leeromgeving winkelwagen
100 dagen voor de klas thuiskijktip

11 tips om jouw school voor te bereiden op het protocol Opstart voortgezet onderwijs op 2 juni

Het voortgezet onderwijs bereidt zich voor op heropening op 2 juni. Het protocol Opstart voortgezet onderwijs geeft houvast. Wat zijn de belangrijke uitgangspunten en hoe ga je daar als school mee om? De belangrijkste punten op een rij én 11 handige tips.

11 tips om jouw school voor te bereiden op heropening | ThiemeMeulenhoff

Het protocol Opstart voortgezet onderwijs schrijft voor hoe je als school veilig een deel van de leerlingen kan ontvangen. En hoe je ervoor zorgt dat docenten op een veilige manier kunnen werken. Zorg ervoor dat de 1,5 meter-maatregel in alle situaties zo goed mogelijk wordt nageleefd. Bijvoorbeeld door een kwart tot een derde van de leerlingen tegelijkertijd naar school te laten komen, afhankelijk van wat de fysieke ruimte toelaat.

Belangrijk daarbij zijn de uitgangspunten die de onderwijsvakbonden en de VO-raad in het protocol omschrijven:

  • Belang van de RIVM-richtlijnen

    De RIVM-richtlijnen zijn altijd leidend. Dit geldt voor iedereen, dus voor alle leerlingen, docenten en andere medewerkers op school.

  • Voorlichting voor docenten

    De school is volgens de Arbowet verplicht om hun docenten en andere werknemers voor te lichten over de maatregelen die zij nemen om de besmettingsrisico’s te beperken.

  • Opening op 2 juni

    De middelbare scholen gaan op 2 juni weer open. Dat is de eerste schooldag na de officiële heropening op 1 juni, die op Tweede Pinksterdag valt en een vrije dag is.

  • Rekening houden met risicogroepen

    Het is belangrijk om rekening te houden met risicogroepen. Onderwijspersoneel dat gezond is kan onderwijs verzorgen. Risicogroepen moeten extra aandacht krijgen.

  • Voor alle leerlingen

    De scholen gaan open voor alle leerlingen. Zij moeten allemaal de gelegenheid krijgen om weer zoveel mogelijk onderwijs op school te kunnen volgen.

  • Inhoud van het onderwijs

    De scholen bepalen zelf de inhoud van het onderwijs dat ze aanbieden. Beperk dit zoveel mogelijk tot de kern van de vakken en de praktische elementen.

  • Overleg met medezeggenschapsraad

    Voer overleg met de medezeggenschapsraad over de praktische en onderwijsinhoudelijke invulling om daarover goede afspraken te maken.

  • Gebruik van openbaar vervoer

    Beperk de druk op het openbaar vervoer. Zo’n 12% van de leerlingen tussen de 12 en 18 jaar maakt daar gebruik van.

Tip: het hele protocol lezen? Download het bij de VO-raad.

 

11 tips bij het protocol Opstart voortgezet onderwijs

Benieuwd hoe je op school het protocol Opstart voortgezet onderwijs goed kunt inzetten? NOS Stories maakte daarvoor al een handige video, met een aantal aandachtspunten om je goed voor te bereiden.

We zetten daarnaast 11 handige tips voor je op een rij:

  • Houd je aan de RIVM-richtlijnen
  • Werk in vaste samenstellingen
  • Maak ruimte in het leslokaal
  • Creëer looppaden
  • Regel de aankomst en het vertrek
  • Denk na over verder
  • Let op gezondheidsklachten
  • Pas het onderwijsprogramma aan
  • Ga flexibel om met stages
  • Denk na over praktische vakken
  • Houd rekening met ISK-leerlingen

 

1. Houd je aan de RIVM-richtlijnen

De RIVM-richtlijnen zijn in alle gevallen leidend. Dat betekent bijvoorbeeld dat iedereen 1,5 meter afstand tot elkaar moet houden en dat iedereen regelmatig z’n handen wast.

Denk bijvoorbeeld na over vaste momenten om de handen te wassen. Je kunt dan denken aan:

De binnenkomst in het lokaal Voor de pauze Na de pauze Na het toiletbezoek

Tip: zorg ervoor dat er voldoende water, zeep en papieren handdoekjes beschikbaar zijn. Of gebruik desinfecterende handgel.

2. Werk in vaste samenstellingen

Zorg voor zoveel mogelijk vaste groepjes leerlingen. Zo kun je het aantal bewegingen van leerlingen door de school beperken.

Tip: hanteer de vaste samenstellingen zowel voor de lessen als de pauzes.

Er geldt geen maximale groepsgrootte, omdat het de fysieke omgeving is die bepaalt wat er mogelijk is. Leerlingen komen een beperkt aantal dagen naar school, aan de hand van wat de beschikbare ruimte toelaat.

3. Maak ruimte in het leslokaal

Zet alle werkplekken in het lokaal op minimaal 1,5 meter van elkaar. Plaats de buitenste werkplekken zo dicht mogelijk bij de muur, om de ruimte optimaal te benutten.

Vraag leerlingen en docenten hun werkplek bij binnenkomst en na gebruik goed te reinigen met water en zeep of een allesreiniger. Dit geldt ook voor de eventuele materialen of gereedschappen die ze gebruiken. Let op: gebruik geen desinfectiemiddel.

Zet voldoende prullenbakken neer, lucht de lokalen tussen de lessen door en voorkom dat er veel spullen uitgedeeld moeten worden als de leerlingen aanwezig zijn. Probeer als docent zo min mogelijk door het klaslokaal te bewegen.

4. Creëer looppaden

Breng looppaden aan door het schoolgebouw, eventueel met verplicht eenrichtingsverkeer. Hanteer vaste looproutes, bijvoorbeeld door via de ene uitgang naar binnen te komen en via een andere weer naar buiten te gaan.

Tip: hang eventuele pijlen of andere richtingaanwijzers hoog genoeg op. Ze zijn daar beter zichtbaar dan op de grond, als de leerlingen er overheen lopen. Beide manieren tegelijk kan ook: op de grond en hoog de richting wijzen.

Vraag leerlingen hun jas mee te nemen naar het lokaal, zodat de kluisjes niet gebruikt hoeven te worden. Probeer leerlingen zoveel mogelijk les te geven in hetzelfde lokaal. Ook de lunch gebruiken leerlingen in het lokaal, omdat de kantine gesloten blijft.

Let op: Leerlingen mogen tijdens de pauze niet van het schoolterrein af.

5. Regel de aankomst en het vertrek

Breng vaste looproutes aan van de fietsenstalling of de -kelder naar de ingang en de lokalen. Creëer eventueel vakken om de fietsen veilig te stallen en ook weer op te halen.

Varieer de begin- en eindtijden van de lessen voor de verschillende leerlingen. Voorkom dat leerlingen wachten op het schoolplein, door ze meteen naar de lokalen te laten gaan.

Tip: plaats een bord of een poster bij de ingang om te wijzen op de anderhalvemeter-regel.

Zet zoveel mogelijk deuren open, zodat de leerlingen die niet zelf hoeven te openen.

6. Denk na over vervoer

Verzoek leerlingen binnen een straal van 8 kilometer om geen gebruik te maken van het openbaar vervoer. Vraag ze om op de fiets te komen of zich te laten brengen. Maak afspraken met het openbaar vervoer, voor leerlingen op meer dan 8 kilometer afstand die niet naar school kunnen fietsen of zich niet kunnen laten afzetten.

Tip: de handreiking ‘OV voortgezet onderwijs’ biedt meer informatie over dit onderwerp.

7. Let op gezondheidsklachten

Zorg ervoor dat zowel docenten als leerlingen thuisblijven bij neusverkoudheid, hoesten, benauwdheid en koorts boven de 38°C. Gebruik posters en bijvoorbeeld de eigen website om zowel deze als de andere maatregelen en RIVM-richtlijnen te communiceren. Tip: is iedereen in het huishouden 24 uur klachtenvrij? Dan mag een leerling of docent weer naar school komen.

Let op: is een leerling of docent positief getest op Covid-19? Diegene moet minimaal 7 dagen thuisblijven en mag daarna pas weer naar school na 24 uur klachtenvrij te zijn. Bij een positieve test van iemand anders in het huishouden blijft de leerling of docent 14 dagen thuis, en komt diegene weer naar school na ook na die periode 24 uur klachtenvrij te zijn.

Neemt het aantal leerlingen en/of docenten met klachten snel toe? Neem dan contact op met de GGD.

8. Pas het onderwijsprogramma aan

Niet alle leerlingen kunnen iedere dag op school aanwezig zijn. Pas het onderwijs programma daar zo goed mogelijk op aan. Probeer op die manier invulling te geven aan het lesprogramma, bijvoorbeeld door lessen op afstand aan te bieden.

Wil je een oudergesprek organiseren? Doe die altijd digitaal. Ouders en verzorgers mogen niet aanwezig zijn in het schoolgebouw en op het plein.

9. Ga flexibel om met stages

Leerlingen die stage lopen kunnen dat gewoon (blijven) doen, als de richtlijnen door het RIVM en die van de sector waarin de stagiair werkzaam is nageleefd worden. Bovendien moet de stageorganisatie momenteel werken en moet de stagiair er zonder gebruik te maken van het openbaar vervoer kunnen komen.

10. Denk na over praktische vakken

Met name gymnastiek, handvaardigheid, techniek en andere praktische vakken leiden tot uitdagingen. Dit vraagt om meer schoonmaak en andere maatregelen. De KVLO heeft daarvoor aanvullende protocollen geschreven.

Let op: bewegingsonderwijs vindt tot aan de zomervakantie alleen buiten plaats. Probeer praktische lessen zoveel mogelijk met 1,5 meter afstand te houden. Pas onderdelen waarbij dit niet mogelijk is aan of bied die online aan.

11. Houd rekening met ISK-leerlingen

Communiceer naar ISK-leerlingen zowel in het Nederlands als in de moedertaal. Vraag actief of de leerlingen de nieuwe regels begrijpen en of er onduidelijkheden zijn. De leerlingen hebben mogelijk wekenlang geen Nederlands om zich heen gehoord. Help de leerlingen met de taalverwerving die ze ook thuis nodig hebben om beter en verder aan de slag te gaan.

Tip: de leerlingen leuke praktijkvakken geven, zonder de anderhalvemeter-regel te overtreden? Geef leerlingen lesmaterialen mee, bijvoorbeeld om thuis te knutselen, bakken of koken. Het resultaat kunnen zijn fotograferen of filmen.